Het Heijense bos in goede handen

Het Heijense Bos is een waardevol natuurgebied in onze gemeente. U kunt hier wandelen, fietsen en genieten van rust en natuur. De gemeente beheert dit gebied op een duurzame en toekomstbestendige manier. Hiervoor hebben de gemeente en de Bosgroep Zuid-Nederland vorig jaar een nieuwe beheerovereenkomst gesloten voor 6 jaar.

Het Heijense Bos veranderde in de afgelopen eeuw sterk. Het was ooit heide. Later plantten bewoners dennen aan met een renteloos voorschot, dat waren vooral grove dennen en Corsicaanse dennen, waarvan het hout bedoeld was voor de mijnen. Pas bij de gemeentelijke herindeling in 1973 kwam Heijen bij Gennep, en zo ook het Heijense bos. Inmiddels maakt het gebied onderdeel uit van het Nationaal Park De Maasduinen.  

Wethouder Rob Peperzak zat nog vol vragen over het bos, en hoe daar dan in de praktijk mee om wordt gegaan. Reden om er eens gezamenlijk op uit te trekken. Want waar kun je zo’n gesprek nou beter voeren dan in het bos?

Wethouder Rob Peperzak, in gesprek met Johan Arts van  Bosgroep Zuid-Nederland. Op de achtergrond Bart Sanders (gemeente Gennep) en Veronica Nooijen (Bosgroep Zuid-Nederland).  

Bosgroep Zuid-Nederland

Johan Arts: “Bosgroep Zuid-Nederland is een coöperatie die het bos- en natuurterreinen  van particuliere eigenaren en gemeenten beheert. Wij zorgen ervoor dat zaken buiten uitgevoerd worden, in samenwerking met aannemers. Bosbouwers zijn gewend om meer dan honderd jaar vooruit te denken, omdat veranderingen langzaam gaan, en het bos gebaat is bij continuïteit in het beheer”. Gemeente Gennep heeft het bosbeheer al vele jaren bij de Bosgroep in beheer, en heeft vorig jaar een nieuwe beheerovereenkomst gesloten voor zes jaar.  

Uitgangspunten van het beheer

We kiezen er samen voor om de bossen duurzaam in stand te houden, zodat mens en natuur zich hier thuis blijven voelen. We houden rekening met de effecten van klimaatverandering. Sommige soorten hebben behoorlijk last van de droogte en van een teveel aan stikstof. Wethouder Peperzak: “Constateren jullie een verandering in de vegetatie, door klimaatverandering? Hoe zien we dat hier?"

Johan Arts: “Door de stikstofbelasting kunnen planten als braam en brandnetel gaan overheersen, dat gaat ten koste van soorten die de voorkeur hebben voor schrale grond. Dat resulteert dus in minder plantensoorten. De hoge stikstofbelasting geeft ook een zuurdere bodem, waardoor mineralen niet langer in de bodem worden vastgehouden, terwijl bomen en planten die wel nodig hebben. Dit, in combinatie met een paar droge zomers, geeft het beeld dat bijvoorbeeld eiken het momenteel niet gemakkelijk hebben.”  

Variatie geeft meer planten en dieren een thuis

Graag willen we nog meer variatie in het bos, dus geen grote oppervlaktes met maar één soort van dezelfde leeftijd, maar een menging van soorten en leeftijden. Hiervoor is het soms nodig om ruimte te maken en jonge boompjes aan te planten. In een gevarieerd bos komen meer soorten voor. Boomsoorten die hier thuishoren zijn bijvoorbeeld de grove den, eik, berk, beuk;  maar ook de Douglas, de Amerikaanse eik en lariks zijn goed ingeburgerd. Elke boomsoort heeft ook weer zijn eigen ‘bewoners’ aan insecten, vogels en andere dieren.    

Wethouder Peperzak: “Hoe zorgen we voor voldoende variatie in het bos?”.  

Johan Arts: “Variatie is een beetje risicospreiding. Omdat we niet weten waar het uiteindelijk heen gaat, willen we zo flexibel mogelijk zijn. Door bomen te vellen en daardoor licht te maken op de bodem komen meestal spontaan nieuwe zaailingen op. De grootte van de open plek bepaalt welke soort hier goed opkomt. Open plekken in het bos mogen maximaal 1000 m2 groot zijn. Het is ook mogelijk om pleksgewijs andere soorten aan te planten, vaak kiezen we dan voor loofhout van verschillende soorten, zoals zomereik, boswilg, haagbeuk, zoete kers, omdat deze soorten een bijdrage leveren aan de variatie. Het hout dat vrijkomt blijft deels liggen, want ook dood hout heeft zijn waarde in het bos. Voor het overige deel van het hout zoeken we een waardevolle bestemming, bij voorkeur lokaal.”

Natuurbrandpreventie

Wethouder Peperzak: “Wat wordt er gedaan om een natuurbrand te voorkomen?"

Johan Arts: “Gemeente Gennep doet ook mee aan een internationaal project in Nederland en Duitsland: Natuurbrandmanagement. Deze internationale en ook  regionale aanpak is belangrijk, want een brand houdt niet op bij de lands- of eigendomsgrens. In 2021 is er bijvoorbeeld een natuurbrandcorridor aangelegd langs de Kempkenweg (achter het bungalowpark). Hier is het naaldhout, wat erg brandgevoelig is, weggehaald. Verder wordt er gewerkt aan het berijdbaar houden van toegangswegen voor de brandweer, de beschikbaarheid van bluswater, en aan het verbeteren van de samenwerking tussen bosbeheerders en brandweer. Maar er blijft altijd een rest-risico.”  

Recreatief gebruik en veiligheid

Er zijn speciale knooppunten-routes voor fietsers, wandelaars en ruiters. Deze lopen ook door het Heijense bos. Wethouder Peperzak: “De bevolking van Gennep groeit door woningbouw. Steeds meer mensen genieten van het bos. Hoe gaan we daarmee om?”

Johan Arts: “Zolang bezoekers op de paden blijven is er geen probleem. Zo blijven er ook plekken waar het rustig is voor dieren. Om te zorgen dat het bos ook veilig is voor bezoekers, wordt elke drie jaar een Boom-Veiligheids-Controle uitgevoerd. De bomen langs de routes worden gecheckt, dood hout of gevaarlijke takken worden verwijderd. De laatste keer was in 2023. Komende winter (2026-2027) zal dit opnieuw worden gedaan.”  

Veel gewandeld werd er deze middag niet, er werd vooral gepraat. In het stuk met de Douglas-sparren zagen we ook nog 2 jonge reeën, helemaal geen haast. Wethouder Peperzak: “Ik voel me weer helemaal relaxed na een bezoekje aan het bos. Ik kan het iedereen van harte aanbevelen om van het Heijense bos te genieten.”