Historie (in een notendop)

De keltische benaming ‘Ganapja’ verwijst naar de locatie van Gennep: plaats waar twee wateren (Maas en Niers) samenkomen. De plaats, waar een (romeinse) weg van west naar oost én een weg van zuid naar noord gezamenlijk via een doorwaadbare plek de Niers overstak.

De Angelsaksische zendelingen zijn tijdens de christianisering van de Lage Landen (± 700) ook in onze contreien actief. Bij de oude Gennepse kerk zijn sporen van een houten zaalkerkje uit ca. 750 gevonden. Ook de keuze van patroon van de kerk te Heijen, H.-Dionysius, wijst ook op een zeer vroege christencel in deze plaats.

Stadsrechten

Gennep koopt rond 1300 stadsrechten. Tot het ambt Gennep behoren dan de woonconcentraties Milsbeek, Ottersum, Ven-Zelderheide, Heijen, Oeffelt en nog een tiental gehuchten. Gennep heeft het nooit tot handelsplaats gebracht. Daarvoor zijn verschillende oorzaken aan te wijzen. De belangrijkste oorzaak is de afstand van Gennep tot de Maas, en de aanwezigheid van het Genneper huis.

Het Genneperhuis

Het Genneperhuis, de vesting bij de uitmonding van de Niers, lag strategisch. Het beheerste aan de westkant de scheepvaart op de Maas en aan de oostkant de landweg naar Nijmegen. In tijden van oorlog –en die waren er in de 14e tot de 19e eeuw- was het fort een hinderlijk object voor de tegenstander. Het werd vele malen belegerd. Handel en verkeer waren dan geblokkeerd. Het onverdedigbare stadje Gennep werd in de oorlogshandelingen en alle neveneffecten meegetrokken.

Gennep veranderde ongewild vaak van oppergezag: Kleefs (1441), Pruisisch (1609), Frans (1794), Nederlands (1815), Belgisch (1830) en weer Nederlands (1839). Maar steeds lag het stadje aan de rand van het rijk. Handel met het binnenland was door afstand en concurrentie haast onmogelijk. Voor de buitenlandse handel golden allerlei belemmerende maatregelen.

19e eeuw

De 19e eeuw kent voor Gennep positieve en negatieve momenten. De dunbevolkte streek is voor handel en nijverheid niet interessant, de bodemgesteldheid (zand, heide, bos) nodigt niet uit tot intensieve landbouw of veeteelt. Uit stadsrekeningen en belastinglijsten blijkt dat Gennep vier of vijf welgestelde families kent naast een meerderheid van dagloners, keuterboertjes en losse arbeiders. Hygiënische toestanden zijn soms erbarmelijk, het onderwijs staat op laag niveau.

Uit het isolement

Positieve gebeurtenissen blijken toevalligheden te zijn. Als uit voornamelijk politieke overwegingen de rijksweg Nijmegen-Maastricht wordt aangelegd (1845), maakt men gebruik van de Niersbrug in Gennep en komt die grote weg door Gennep te lopen. Bij de aanleg van de particuliere spoorlijn Boxtel-Wesel (1869) vragen economische motieven om een zo rechtlijnig mogelijk tracé. Dat passeert Gennep op enkele honderden meters. Deze noord-zuid- en oost-westverbinding verlossen Gennep uit het isolement. Vooral het spoor geeft Gennep een duw opwaarts (industrie, werk, transport, huizenbouw).

Wereldoorlogen

De eerste wereldoorlog brengt het spoor en zijn nevenbedrijven - ondanks Nederlandse neutraliteit - de nekslag toe. De economische wereldcrisis (beurskrach ‘29) en de malaise van de 30-er jaren betekenen werkloosheid en armoede. De tweede wereldoorlog maakt een abrupt einde aan het begin van opbloei. Gennep werd voor 70% verwoest.

Na de 2e Wereldoorlog

De 50-er jaren worden gekenmerkt door wederopbouw en een industriële revival: textielbedrijven als Kann & Co, Juvena, Lingano, Bleycon, en verder de Page, Zuid-Ooster Busbedrijven, Ancilla en transportbedrijven helpen Gennep aan toenemende welvaart. De instellingen voor geestelijk-lichamelijk gehandicapten Maria Roepaan en Augustinusstichting geven vele handen werk. De toeristen- en recreatiesector neemt een steeds belangrijker plaats in.